(B)ODE's BLOG

Ik herinner me vaagweg een weekend ergens in mei halverwege de jaren ’90, toen we ons met een handvol bevlogen mensen afzonderden om wat dieper in te gaan op het concept “duurzame ontwikkeling”. Dat was nog vóór het een modewoord was, dat te pas en ten onpas ergens bij geplakt werd. Dat was voordat het als een containerbegrip gehanteerd werd – een mooie term voor wat je niet nauwkeurig kunt omschrijven -  en nog voor er gigantische containerschepen op riffen vastliepen. Het heeft nog even geduurd voor het beleid op Belgisch en wereldwijd niveau  duurzame ontwikkeling in wetten en afspraken wist te gieten, een federale raad oprichtte en verdienstelijke pogingen ondernam om het concept breder bekend te maken.

Het is stilaan mode geworden om mensen om de oren te slaan met allerlei kostenplaatjes. Heeft u bij voorbeeld een idee hoeveel het houden van een grasparkiet kost? Ik kan u in dit specifiek geval helaas niet verder helpen, gezien ik hierin totaal onervaren ben. Ik kan u wel aanbevelen om kippen te houden, omdat deze hoenders heel goede verwerkers van etensresten zijn en u op regelmatige basis een return aanbieden, die zowel gekookt als gebakken best te appreciëren valt. Het is met andere woorden een project dat u geen windeieren zal brengen.

Tussen de vele crisisbeelden en rommelkredieten door is er een nieuw fenomeen opgedoken. De Indignados of Verontwaardigden ontstonden in Spanje als een beweging van jongeren die een fikse aversie vertonen tegen “Het Systeem” en zijn en passant ook in België opgedoken. Het is een vlag die vooralsnog diverse ladingen dekt en verschillende leuzen hanteert. Een van die slogans luidt: “wij gaan traag want wij gaan ver”.

Het parfum van mei ’68 – voor wie dit nog in de neus zou hebben – is bij deze jonge beweging nooit veraf. Voor vele commentatoren is dit meteen een houvast om de nieuwe stroming te betitelen. We kleven nu eenmaal graag etiketten van vertrouwde begrippen op onbekende fenomenen, al was het maar om de opkomende onzekerheid wat af te remmen. De schade die de Indignados aanrichtten in een gastvrije Brusselse hogeschool  wekte op zich ook verontwaardiging op, wat aantoont dat deze jongeren intern nog veel werk aan de winkel hebben, willen ze hun prille geloofwaardigheid behouden.

Achteraf beschouwd…  Achteraf beschouwd is het niet moeilijk om de analyse te maken, om duidelijk te maken wat er precies verkeerd liep en hoe het wel had kunnen gebeuren. Tien jaar na de aanslagen in New York op 11 september kan men heelder programma’s vullen met perfecte ontledingen. Dat is heel nuttig als men daar lessen voor de toekomst uit trekt en dit in nieuwe inzichten vertaalt. Maar wat gebeurd is kan er niet mee uitgewist worden.

Verweg de interessantste onderdelen in dergelijke analyses zijn de keerpunten: op welk moment is er geen terugkeer meer mogelijk, kan een beslissing niet meer ongedaan gemaakt worden? We hebben het daarbij niet over het noodlot, maar over besluiten die door mensen gemaakt worden. Denk maar aan de klimatologische chaos die we nu meemaken: naast de natuurlijke evoluties en trends is de impact van beslissingen  - door het collectief dat mensdom heet -bepalend voor de nabije toekomst.

Is het u al opgevallen dat in de private levenssfeer heel veel termen uit de hernieuwbare energiesector worden gebruikt? Wanneer we het over de menselijke aspecten hebben, spreken we over iemand die het zonnetje in huis is of iemand die overal de wind mee heeft of net tegen de wind op moet tornen. Er zijn mensen die warmte uitstralen en andere met verfrissende ideeën of zelfs enkele met een koele persoonlijkheid. Er zijn figuren met heel veel energie en andere die een uitgebreid netwerk hebben. We kennen allemaal wel momenten dat we onder hoogspanning staan of dat er sowieso spanning in de lucht hangt en er zijn momenten dat we dringend onze batterijen moeten opladen. Er zijn ogenblikken dat we branden van verlangen naar iets en er zijn dagen waar we zoeken hoe we het vuur brandend kunnen houden.

Onlangs kwam het zalmprincipe nog eens ter sprake in een bekende TV quiz. Deze term komt uit de onderwijswereld en moet een opwaartse beweging omschrijven, die de neerwaartse cascade vervangt, waarbij leerlingen die het niveau niet aankunnen een lagere richting kiezen. Volgens het zalmprincipe word je na een opwaartse sprong enig verlet in rustiger water aangeboden, om krachten op te doen voor een volgende sprong.

Inzake duurzame energie hopen we dat het zalmprincipe ook op onze sector wordt toegepast: we willen dat er een beleidskader wordt gecreëerd dat ons toelaat om sprongen voorwaarts te maken en ons af en toe even op adem laat komen om bij te sterken. Dat we tegen de gangbare stroom in moeten zwemmen, deert de meesten onder ons niet. In die zin zijn we meer zalm dan zen.

Dit jaar viert ODE haar vijftienjarig bestaan. In de wereld van de fauna is vijftien jaar voor sommige wezens een eeuwigheid. Bij de mensen is dit de overgangsperiode naar volwassenheid: soms grillig, onvoorspelbaar, bijzonder leuk of vervelend onrustig. In de wereld van organisaties wordt de leeftijd mee bepaald door de omstandigheden. Sommige hebben na vijftien jaar hun doelstellingen vlot gehaald en zoeken nieuwe richtingen of hebben het lef om zichzelf overbodig te maken. Voor andere organisaties begint het dan nog maar net. ODE behoort ongetwijfeld tot die laatste: we halen met hernieuwbare energie nu zowat 4 à 6%, we willen in 2020 naar minstens 13%, maar we moeten onze horizon dringend verleggen naar 2030 en verderop. De transitie naar 100% hernieuwbare energie in 2050 is mogelijk, maar de keuzes dienen nu reeds gemaakt te worden.

Naar aanleiding van de verhoging van de distributietarieven werd in de publieke opinie een zurig debat gevoerd over de kosten van groenestroomcertificaten. Op de factuur van de consument staan de kosten voor groene stroom duidelijk benoemd. Dat heeft het voordeel dat deze kosten transparant zijn, maar het nadeel dat ze – in tegenstelling tot heel wat andere kostelementen – ook duidelijk in het oog springen. Naast de buurman met zonnepanelen die het moest ontgelden, waren ook sommige belangengroepen er weer als de kippen bij om tot vervelens toe te herhalen dat het allemaal zoveel kost.

Nog geen jaar geleden werden we bekeken als komende van een andere planeet toen we durfden stellen dat 100% hernieuwbare energie tegen 2050 niet alleen een nobel streefdoel was, maar gewoon een realistisch objectief. Toen enkele maanden later een aantal gerenommeerde wetenschappelijke instituten concrete scenario’s uitschreven hoe dit kan gebeuren, werden we al minder raar bekeken. En nog wat later – ondertussen zijn we in het heden – merken we dat meer en meer organisaties en beleidsverantwoordelijken resoluut kiezen voor 100% hernieuwbaar, waaronder onze Vlaamse minister van energie. We kunnen dit alleen maar toejuichen, toch?

februari 2011

Enkele jaren geleden had ik tijdens de Europees – Latijns-Amerikaanse Top in Wenen het geluk om met een select groepje mensen de toen kersvers verkozen inheemse Boliviaanse president Evo Morales te ontmoeten. Een van de kritische vragen die we Evo toen stelden, was het waarom van het plotse nationaliseren van de mijn- en gasbedrijven in zijn land. De meesten onder ons vonden dit immers absoluut not done in de geglobaliseerde wereld van de 21ste eeuw.

Morales’ antwoord kwam snel: “Het is niet de bedoeling om dit in staatshanden te houden, maar ik wil een stevige onderhandelingspositie hebben om een voldoende deel van de opbrengst voor de Boliviaanse bevolking te garanderen. Als dat bereikt is, kan de privésector het weer overnemen”. En zo geschiedde.

<< Start < Vorige 1 2 Volgende > Einde >>
Pagina 1 van 2